|
In deze introductie wordt kort beschreven wat evidence-based
practice is.
Wat betekent
evidence-based practice voor de ergotherapie; voor het beroep in het algemeen en
voor de individuele beroepsbeoefenaar?
In toenemende mate worden paramedische beroepsbeoefenaren zich er
bewust van dat zij vraaggericht, effectief en doelmatig dienen te handelen.
Recente kennis over de effectiviteit en doelmatigheid van zorg wordt
geïntegreerd in het handelen.
De begrippen
evidenced-based practice (EBP), evidenced-based medicine (EBM) en evidence-based
handelen worden vaak door elkaar gebruikt.
Evidence-based practice (EBP) is de basis van
klinische beslissingen. Een ergotherapeut die EBP toepast in de praktijk:
-
Stelt zichzelf een klinische vraag;
-
Zoekt en vindt EBP literatuur met mogelijke antwoorden op die vraag;
-
Beoordeelt de gevonden publicaties van wetenschappelijke onderzoeken;
-
Gebruikt in de praktijk de resultaten uit wetenschappelijk onderzoek;
-
Evalueert daarna het EBP proces.
(Rosenberg & Donald, 1995).
Law en Baum voegen daar aan toe: "In de op
evidence-based gebaseerde praktijk van de ergotherapie wordt gebruik gemaakt van
bewijs uit wetenschappelijk onderzoek, gecombineerd met klinische deskundigheid
en klinisch redeneren, waardoor beslissingen genomen kunnen worden over
interventies die effectief zijn voor specifieke cliënten.” (Law en Baum,1998).
Ergotherapeuten nemen veelal beslissingen met de
cliënt waarbij het handelen van de cliënt centraal staat (een interventie
gericht op arbeidsreïntegratie, zelfstandig voor zichzelf kunnen zorgen in de
thuissituatie, activiteiten ondernemen die zingevend zijn en passen bij de
mogelijkheden van de cliënt). Dit kan contrasteren met onderwerpen die in
evidence-based medicine centraal staan: diagnose, behandeling en prognose. Het
is de vraag of de statistieke benadering van wetenschappelijk onderzoek en het
bewijs hieruit, toepasbaar zijn voor de klinische thema’s waar ergotherapeuten
mee te maken hebben. Volgens Egan et al dient de therapeut zorgvuldig de unieke
mix van taak, omgeving en de persoon die handelt, in overweging te nemen.
Vanwege deze drie factoren dienen ergotherapeuten de eigen deskundigheid van de
cliënt over zichzelf te combineren met relevant wetenschappelijk bewijs voor
betreffende populatie. (Egan, Dubouloz, Zweck & Vallerand, 1998)
In de literatuur zijn een aantal zorgen
beschreven over evidence-based practice in de ergotherapie:
-
De meeste ergotherapeuten hebben geen of
onvoldoende tijd voor het volledig doorlopen van het EBP proces.
-
De meeste ergotherapeuten hebben de
vaardigheden niet of onvoldoende om het EBP proces te kunnen uitvoeren.
-
Het implementeren van het gevonden
wetenschappelijk bewijs in de praktijk, blijkt een van de belangrijkste
obstakels te zijn.
-
Gebrek aan steun vanuit het management.
(Conroy, 1997; Eakin, 1997; Law & Baum, 1998;
Lloyd-Smith, 1997).
Het is niet gemakkelijk voor ergotherapeuten om
zich te verdiepen in het EBP proces, terwijl ze daarnaast verantwoordelijk zijn
voor de behandeling van een aanzienlijke caseload. Kortom: Iedere ergotherapeut
zal willen streven naar kwaliteit en effectieve behandelingen, maar
implementeren van EBP in de praktijk is nog niet zo gemakkelijk als gezegd.
Toch
gebeurt er al veel om ergotherapeuten tegemoet te komen:
-
Beoordeelde
publicaties zijn gratis toegankelijk op internet (OT Seeker)
-
Verzamelingen van
beoordeelde publicaties rond een bepaalde interventie of populatie zijn
gratis toegankelijk op internet (OT CATs, CLR)
-
Er worden
multidisciplinaire en disciplinaire EBP richtlijnen ontwikkeld (CBO, NVE)
-
Het zoeken in gratis
online databanken wordt steeds uitgebreider (bijv samenvattingen van
Cochrane) en gebruiksvriendelijker (Limits in PubMed is sinds kort
overzichtelijker)
Ergowijs biedt aan Nederlandse en Vlaamse
ergotherapeuten een website met informatie die een ergotherapeut tijdens het EBP
proces nodig heeft.
Daarnaast publiseert Ergowijs literatuuroverzichten van EBP informatie
betreffende specifieke populaties en interventies. Dat scheelt een hele
zoektocht naar wetenschappelijk bewijs!
Ergowijs werkt nauw samen met Ergologie, dat zich o.a. richt op Critical
Appraised Papers.
Organiseer samen met Ergowijs een workshop voor u en uw collega's (van de
afdeling ergotherapie, de regiogroep, e.d.) gericht op:
-
EBP bijgepraat in een
dagdeel
-
EBP literatuur zoeken,
specifiek voor de populatie waar u mee werkt
-
EBP literatuur
beoordelen, specifiek voor de populatie waar u mee werkt
-
EBP implementeren
-
Introductie EBP
Journalclub
-
Best Practice
INFORMEER naar mogelijkheden en tarieven
De uitdaging voor ons beroep is door te gaan met het definieren van wat wij doen
en aan te tonen dat wat we doen, effectief is...
Bronnen:
Conroy,
M. C. (1997). "Why are you doing that?" A project to look for evidence of
efficacy with occupational therapy. British Journal of Occupational Therapy,
60(11), 487-490.
Eakin, P. (1997). The Casson Memorial Lecture 1997: Shifting the balance -
Evidence-based practice. British Journal of Occupational Therapy, 60(7),
290-294.
Egan, M., Dubouloz, C., Zweck, C., & Vallerand, J. (1998). The client-centred
evidence-based practice of occupational therapy. Canadian Journal of
Occupational Therapy, 65(3), 136-143.
Law, M., & Baum, C. (1998). Evidence-based occupational therapy. Canadian
Journal of Occupational Therapy, 65(3), 131-135.
Lloyd-Smith, W. (1997). Evidence-based practice and occupational therapy.
British Journal of Occupational Therapy, 60(11), 474-478.
Rosenberg, W., & Donald, A. (1995). Evidence-based medicine: An approach to
clinical problem-solving. British Medical Journal, 310 (6987), 1122-1126.
|